Adrian Goldsworthy, Augustus. Van revolutionair tot keizer van Rome.

Adrian Goldsworthy, Augustus. Van revolutionair tot keizer van Rome.

Recensie

Het zal wel overbodig zijn Goldsworthy nog voor te stellen aan de lezers van dit tijdschrift want reeds eerder besprak ik hier zijn vroeger in het Nederlands vertaalde werken: Carthago (2008), De val van Rome (2009), Antonius en Cleopatra (2012) en Caesar (2013). Dit bood me telkens de gelegenheid om mijn grote waardering voor de auteur te uiten en te wijzen op de vele en grote kwaliteiten van zijn boeken. Ook in dit nieuwe boek zijn deze kwaliteiten prominent aanwezig: enerzijds wetenschappelijk stevig onderbouwd en anderzijds vlot en glashelder geschreven. Bovendien is het onderwerp van aard om ook diegenen met een brede historische belangstelling, en niet enkel wie alleen op de klassieke oudheid is gefocust, te boeien. Augustus heeft immers meer dan welke andere Romein zijn stempel gedrukt op de geschiedenis van Rome en mag daarom gerust tot een van de belangrijkste figuren uit de wereldgeschiedenis gerekend worden. Alleen al hierom is dit boek bijzonder welkom. Dit des te meer omdat buiten de gespecialiseerde erudiete vakliteratuur de werken die aan Augustus gewijd zijn eerder schaars zijn en de eerste Romeinse keizer bij het bredere publiek niet zo bekend is. Zeker in vergelijking met Caesar van wie iedereen onmiddellijk een aantal -al dan niet apocriefe- uitspraken kan citeren als alea iacta est, tu quoque fili mi en veni, vidi, vici en een en ander kan vertellen over enkele belangrijke episodes uit zijn leven zoals de verovering van Gallië, de liaison met Cleopatra, de reorganisatie van de kalender en het tragische levenseinde. Ook in de fictie (historische films en romans) is Augustus zo goed als afwezig als men de schitterende BBC Tv-reeks Claudius en de brievenroman door John Williams buiten beschouwing laat.

Maar het boek is niet alleen bijzonder welkom omdat het een leemte vult in de niet-erudiete historische literatuur maar ook omdat de auteur in zijn boek eveneens uitvoerig aandacht besteedt aan de periode nadat Augustus in 31 v. Chr. de alleenheerschappij had veroverd. Doorgaans blijft deze periode immers onderbelicht in de historische syntheses en overzichtswerken. Toch gaat het om een periode die drie vierden van zijn politiek actief leven beslaat en waarin hij datgene realiseerde waardoor hij een unieke plaats in de wereldgeschiedenis inneemt: de vestiging en uitbouw van een regime dat na zijn dood nog ruim 250 jaar zou stand houden.

Goldsworthy brengt het levensverhaal van Augustus in chronologische volgorde na vooraf in een inleiding zijn onderwerp kort te hebben voorgesteld, zijn opzet (een biografie te schrijven alsof het de biografie van een modern staatsman betrof, aan de hand van dezelfde vragen ......en zo de man zelf zo goed mogelijk te begrijpen) toelicht, de redenen aangeeft waarom het zo moeilijk is Augustus te karakteriseren en een kritisch overzicht geeft van het beschikbare bronnenmateriaal. Dan volgen 22 hoofdstukken gegroepeerd in vijf delen (I: 63-44 v.Chr.; II: 44-38 v. Chr.; III: 38-27 v. Chr.; IV: 27-2 v. Chr.; V: 2 v. Chr.-14 n. Chr. ) waarin de auteur de levensgang van Augustus op de voet volgt. Ik zal hier geen poging ondernemen om dit levensverhaal na te vertellen. Ik wijs er alleen op dat 253 van de 447 bladzijden gaan over de periode na 30 v. Chr. om te illustreren dat het zwaartepunt van dit boek ligt op de levensfase van Augustus die doorgaans schromelijk wordt verwaarloosd in overzichtswerken alhoewel het net in deze fase is dat Augustus datgene heeft gerealiseerd wat hem zijn prominente plaats in de wereldgeschiedenis heeft verzekerd. Er zijn immers niet zoveel figuren in de wereldgeschiedenis van wie kan gezegd worden dat zij een regime vestigden dat twee en een halve eeuw stand hield.

In de conclusie (blz. 448-468) die Goldsworthy als titel de gevleugelde uitspraak van Augustus, Haast U langzaam (Festina lente) meegaf brengt hij eerst een kort relaas van de gebeurtenissen onmiddellijk na de dood van Augustus, verhaalt vervolgens hoe Augustus’ opvolger, Tiberius het er van afbracht om tenslotte als orgelpunt in vijf schitterende bladzijden (blz. 454-459) compact maar glashelder de essentie van zijn boek samen te vatten en een genuanceerd eindoordeel te vellen over Augustus. Daarbij komen zowel de grote verdiensten als de schaduwzijden tot hun recht: een grenzeloze ambitie die hem deed jagen op de macht maar ook, nadat hij die macht eenmaal had veroverd, een groot verlangen om alles goed te laten functioneren en zijn macht voor het algemeen belang te gebruiken. Terecht herinnert Goldsworthy eraan dat Augustus zijn alleenheerschappij alleen maar kon behouden omdat er niemand was die zijn militaire macht kon evenaren. In de woorden (blz. 459) van de auteur: ‘ We mogen nooit vergeten dat alles wat Augustus verder in zijn leven bereikte, gebaseerd was op zijn succes als krijgsheer, maar ook valt niet te ontkennen dat hij, vergeleken met andere militaire dictators, niet de slechtste was, althans in die zin dat hij, nadat hij zich eenmaal had gevestigd, het Rijk goed bestuurde’. Op het exposé volgen eerst nog twee appendices waarin respectievelijk een overzicht wordt gegeven van de senatoriale loopbaan (cursus honorum) en het probleem van de bepaling van het geboortejaar van Jezus. Om het de lezer wat gemakkelijker te maken volgen nog een verklarende woordenlijst, een lijst van belangrijke personages met korte biografische toelichting en acht stambomen die de lezer wegwijs moeten maken in de ingewikkelde familierelaties van de Julii en de Claudii. Met een bibliografie (blz. 499-512), omvangrijke eindnoten (blz. 513-581) en een register wordt het boek besloten.

Dit boek laat heel duidelijk de complexe persoonlijkheid van Augustus zien. Met zijn vele kwaliteiten zoals een scherp doorzicht dat hem toeliet de zwakheden van zijn tegenstanders snel op te merken en er volop van te profiteren, een tactisch inzicht dat hem in staat stelde aan te voelen wanneer de tijd rijp was voor een hervorming, een pragmatisme waarbij (blz. 457) elke stap nauwkeurig werd overwogen en terdege voorbereid, maar vervolgens met vallen en opstaan aangepast. Hij wist zich bovendien met uitstekende en loyale medewerkers te omringen. Het is een van de grote verdiensten van de auteur dat hij erin geslaagd is een plausibel psychologisch portret van deze complexe persoonlijkheid te schetsen dat echter nooit hagiografisch wordt. Alhoewel hij in zijn inleiding (blz. 20) schrijft dat hij uitsluitend beoogt een biografie te schrijven en geen geschiedenis van een tijdsgewricht is zijn boek toch ook een geschiedenis geworden van Rome voor de periode waarin Augustus leefde waarin niet alleen de politieke, militaire en institutionele geschiedenis aan haar trekken komt maar waarin ook sociale, economische en culturele aspecten ruimschoots aan bod komen. Dat de auteur ook in deze materies goed thuis is bewijzen alleen al de schitterende bladzijden (blz. 302-305) die hij aan de Aeneasfiguur in Vergilius’ Aeneis wijdt. De institutionele, sociale, economische en culturele realia worden bovendien zo naadloos in het exposé verwerkt dat het nooit storend werkt. Een pluspunt voor de Nederlandstalige lezer is dat het boek uitstekend is vertaald door Roelof Posthuma die de onderhoudende schrijfstijl van Goldsworthy alle eer en recht doet.
Over de minpunten kan ik kort zijn: er zijn er geen. Want dat bij de correctie van de drukproeven een zetfoutje (blz. 233) als culpeus (voor clupeus) over het hoofd werd gezien kan bezwaarlijk als minpunt worden bestempeld.

Het zal inmiddels duidelijk zijn geworden waarom ik in de aanhef van deze bespreking niet karig ben geweest met mijn lof. Eigenlijk is dit boek een must voor iedereen met maar een greintje historische belangstelling. En zeker voor iedereen die genoten heeft van het enkele jaren geleden in het Nederlands vertaalde (en terecht alom geprezen) fictiewerk dat John Williams aan de figuur van Augustus heeft gewijd. En omgekeerd vormt voor diegene die de biografie van Goldsworthy leest de brievenroman van John Williams een aan te bevelen aanvulling.

Robert DUTHOY
 

Afbeelding

Bibliografische gegevens

Adrian Goldsworthy, Augustus. Van revolutionair tot keizer van Rome. Utrecht, Uitgeverij Omniboek 2016.604 blz. 34,99 €.