Tot de 13e maan, Arnulf Zittelman

Tot de 13e maan, Arnulf Zittelman

Recensie

Doelgroep: tweede graad

Thematiek: prehistorie - anders zijn - magie, sjamanisme - volwassen worden

Inhoud

Tot de 13e maan speelt in de laatste ijstijd, zo'n 35.000 jaar geleden toen de hedendaagse mens de Neanderdaler op het wereldtoneel ging vervangen.

Het weesmeisje Qila leeft in de wintertent van de familie, die haar heeft opgenomen toen zij als enige van haar gezin overbleef. Qila is een kribbige tiener en bijwijlen erg onaangenaam in de omgang, als ze weer eens gekweld wordt door pijnlijke nachtmerries. Op een nacht ontmoet ze in een visioen de bizonvrouw, die haar naar voedsel brengt voor de hongerende stam. Het is duidelijk dat zij over bijzondere krachten beschikt. Maar wat moet ze ermee? Dan arriveert Mir, de merkwaardige roodharige angacoq (heelmeester) in het bevreemdend gezelschap van een span getemde wolven. De oude, moeilijk verstaanbare man, is een der laatste maanmensen (de Neanderdalers). Na korte tijd wordt het duidelijk dat zijn lot hem hierheen geleid heeft voor Qila, aan wie hij zijn gaven moet overdragen vooraleer hij kan sterven. Zijn helper, de jaloerse Noenah, slaagt erin Qila te laten wegjagen omdat ze ongeluk zou brengen. Na een lange, moeizame tocht bereikt de ballinge de riviermensen, die haar opnemen als heelmeesteres. Wanneer ze verliefd wordt, verliest ze haar krachten. Alleen trekt ze verder tot ze de plaats vindt, die de bizonvrouw haar in haar dromen had getoond. Uit de steen bevrijdt ze de beeltenis van de bizonvrouw en kerft in haar hoorn 13 strepen voor de maanden, die het haar gekost heeft om haar bestemming te bereiken. Weldra zal ze - eindelijk- vrouw worden.



Bespreking

Ook Tot de 13de maan is topkklasse. Wat in de bespreking van Crithir gezegd werd over de karaktertekening en Zitelmanns voorliefde voor jonge mensen, die geconfronteerd worden met beslissende wendingen in hun leven, geldt hier minstens even sterk. Voor de beschrijving van de reacties, de psychologie en de details van de rituelen heeft de auteur zich voornamelijk gebaseerd op antropologische studies over de Inuït (Eskimo) en over Siberisch sjamanisme. Qila's nukken worden tolerant opgevangen door haar omgeving, die niet vreemd opkijkt als ze plotseling wegdroomt in een visioen. Er is één uitzondering: wanneer ze midden een ruzie tussen rivaliserende mannen door stuiptrekkingen wordt overvallen en daardoor de tent in brand raakt, kan ze op weinig begrip rekenen. Dit voorval zet dan ook de keten van gebeurtenissen in beweging, die uiteindelijk tot haar uitstoting zal leiden. Door haar zware overlevingstocht ondergaat Qila een volkomen gedaanteverwisseling. Ze komt gehard en gelouterd uit de beproeving als een evenwichtige persoonlijkheid, mede door het feit dat ze nu haar visioenen kan duiden in het kader van haar roeping als angacoq. Dit evenwicht zal ze meer dan nodig hebben als ze haar kersverse liefde moet opofferen aan die roeping, en nog meer wanneer ze haar stamgenoten terugvindt en gedwongen wordt tot de ultieme confrontatie op leven en dood met de 'zielerover' Noenah. Sterker dan Crithir eindigt dit verhaal op een hoopvolle noot.

Dit boek is leesbaar voor ervaren lezers 'vanaf 12 jaar', doch zelfs goede lezers onder de 14-jarigen zullen behoorlijk wat begeleiding kunnen gebruiken om de diepgang en de rijkdom aan thematiek en motieven onder de oppervlakte van een eerste lectuur op te spitten. In het degelijke en uitvoerige historische nawoord blijft Zitelmann wat aan de voorzichtige kant bij zijn interpretatie van de intelligentie der Neanderdalers. De vertaalster heeft de moeite genomen om in voetnoot een standaardwerk in het Nederlands op te nemen. Ook zij blijft soms wat te dicht bij het originele Duits. Elpenbeen voor ivoor is weliswaar correct doch archaïsch Nederlands.( Maar klinkt wel poëtisch.) Dat de toponiemen aangeduid worden met hun hedendaagse Duitse namen, kan daarentegen nauwelijks als een bezwaar ervaren worden.

ZITELMAN (Arnulf), Tot de 13e maan, Averbode, Altiora, 1991, 191 blz.




 

Afbeelding

Bibliografische gegevens

Didactische verwerking

•huislectuur: zelfde opdrachten als bij Crithir. Bijzondere aandacht voor de karaktertekening en de beleving van het magische vanuit de focalisatie door Qila

•cursorische lectuur: laten lezen in complementaire werkgroepen samen met bv. R. SUTCLIFF, Om het rood van de krijger, Den Haag, Leopold, 1972. Andere recente boeken over de prehistorie vind je in Marc HUYS, Historische verhalen. Keuzelijst, Antwerpen, Jeugdboekengids, 1991.

•een ander geschikt werk, dat zich afspeelt bij de hedendaagse Inuït (Eskimo) doch rond dezelfde thematiek, is J. KORTUM, Panipaq de kleine angakok, lectuursteekkaart in: WND, jrg. 17, 1989, 2, p. 24 en 48.